Voeding voor het herstel van de darmflora na een antibioticakuur

~ door Amber Laurijssen

Inleiding

De darmflora is een enorme veelheid aan micro-organismen (voornamelijk bacteriën) die in onze darmen wonen. Steeds meer wordt duidelijk dat de darmflora een grote invloed heeft op onze algehele gezondheid. Antibiotica, die gebruikt worden om infectieziekten veroorzaakt door slechte bacteriën te behandelen, zijn vaak niet selectief: ze bestrijden niet alleen de slechte, maar ook de goede bacteriën. Dit kan leiden tot verstoringen van de darmflora, wat zich uit met allerlei klachten.

In dit artikel gaan we dieper in op de darmflora, en hoe we met voeding het herstel van de darmflora na een antibioticakuur zouden kunnen ondersteunen.

De geboorte en ontwikkeling darmflora

Voor een baby geboren wordt, heeft deze geen bacteriën in de darmen: de baby bevindt zich voor de geboorte in een steriele omgeving. Hier komt verandering in tijdens de geboorte. Hoe een baby geboren wordt, heeft invloed op de manier waarop de darmflora zich zal beginnen te ontwikkelen.

Bij een vaginale geboorte is het kind doordrenkt met de microbiotica afkomstig uit de vagina en de ontlasting van de moeder. Op dat moment wordt het darmmicrobioom van de pasgeborene gedomineerd door Prevotella spp en Lactobacillus, die de voorlopige meesters van het microbioom zijn. Het microbioom van baby's ontwikkelt zich echter in rap tempo: in de daaropvolgende week nemen Actinobacteria spp, vooral de gunstige Bifidobacteria, de leiding over.

Bij baby's geboren via een keizersnede begint de ontwikkeling van de darmflora anders: hun darmmicrobioom wordt in eerste instantie gekenmerkt door de aanwezigheid van minder gunstige bacteriën, zoals CorynebacteriumStaphylococcus en Propionibacterium spp. Deze micro-organismen vinden hun oorsprong in de huid van de moeder, de ziekenhuisomgeving en het medisch personeel.

Na deze eerste ontmoeting met micro-organismen, begint het pasgeboren kind nog meer bacteriën binnen te krijgen, via moedermelk en contact met anderen. Deze bacteriën vermenigvuldigen zich in een razend tempo, waardoor de darm van de baby binnen enkele dagen vol zit met een gevarieerd gezelschap van microben. Dit markeert het begin van een levenslange reis, waarbij de darmflora voortdurend evolueert onder invloed van factoren zoals omgeving, voeding, gezondheid en levensstijl.

Het microbioom

De samenstelling van het darmmicrobioom varieert van persoon tot persoon, maar we hebben wel een zekere controle over hoe het zich ontwikkelt. Een gezonde levensstijl draagt bij aan een gezond microbioom, en voeding blijkt de meest bepalende factor te zijn. Wat je eet, staat immers ook op het menu van de micro-organismen in je darmen.

Antibiotica en de darmflora

Antibiotica zijn een groep van geneesmiddelen die gebruikt worden voor de behandeling van infectieziekten die veroorzaakt worden door bacteriën. Voor de behandeling van bacteriële infecties zijn antibiotica van groot belang; ze kunnen zelfs levensreddend zijn.

Helaas heeft antibiotica-gebruik ook een keerzijde. Terwijl deze medicijnen ons kunnen genezen, kunnen ze ook de goede bacteriën in de darmen uitroeien, wat leidt tot verstoringen van de darmflora, met gevolgen zoals diarree en een verzwakking van ons immuunsysteem. 

Enkele veelvoorkomende klachten die mensen kunnen hebben bij een antibioticakuur zijn bijvoorbeeld maag- en darmproblemen, antibiotica-geassocieerde diarree, schimmelinfecties, huiduitslag, allergische reacties, veranderingen in smaak, zonnegevoeligheid en andere bijwerkingen. Deze klachten variëren afhankelijk van het antibioticum, de duur van de kuur en individuele gevoeligheid.

Darmflora herstellen

Na het gebruik van antibiotica is het essentieel om de darmflora te herstellen. Bij Metaboliq hebben we hiervoor specifiek voedingsadvies samengesteld. Dit voedingsadvies is een praktische vertaling van de hedendaagse inzichten en vijf pijlers: kleine aanpassingen in het voedingspatroon van producten die je best meer of minder zou eten, om de darmflora een steuntje in de rug te geven. Deze omvatten:

  1. het consumeren van voldoende
    1. vezels;
    2. probiotica;
    3. gefermenteerde voedingsmiddelen;
    4. prebiotica, en
  2. het vermijden van sterk bewerkt en suikerrijk voedsel.

Deze eenvoudige aanpassingen (zie de infographic hieronder, en verder) kunnen een positieve impact hebben op je darmgezondheid en algehele welzijn.

 

Voedingsvezels

Voedingsvezels, aanwezig in voedingsmiddelen zoals volkoren producten, groenten, fruit, peulvruchten en noten, spelen een essentiële rol bij het ondersteunen van een gezond microbioom. Om de verscheidenheid van gunstige darmbacteriën te bevorderen, is het belangrijk om een gevarieerd dieet met diverse vezelbronnen te volgen. Het wordt aanbevolen om dagelijks zeker minstens 25 gram vezels te consumeren.

Studies tonen aan dat voedingsvezels aanzienlijke invloed hebben op de darmflora:

  • Een onderzoek bij kinderen[1] toonde aan dat voedingsvezels de samenstelling van de darmflora beïnvloeden, vooral na antibioticagebruik. Antibiotica leidden tot een afname in diversiteit en veranderingen in de samenstelling van bepaalde bacteriesoorten.
  • Een andere studie[2] toonde aan dat het toevoegen van vezels aan het dieet de microbiële samenstelling van de darmen veranderde, met als resultaat verschuivingen in de relatieve verdeling van bacteriën en een verhoogde verscheidenheid aan bacteriesoorten. Daarnaast resulteerde vezelinname in aanpassingen in de functionele capaciteit van de darm-microbioom, waardoor ze complexe koolhydraten efficiënter konden verteren.

Dit benadrukt het belang van voedingsvezels bij het koesteren en onderhouden van een gezond microbioom, dat op zijn beurt een impact heeft op de algehele gezondheid.

Probiotica 

Probiotica zijn gunstige micro-organismen die de gezondheid kunnen bevorderen en kunnen als supplement worden genomen in pil- of poedervorm. Daarnaast zijn een aantal gewone voedingsmiddelen bronnen van probiotica. Gefermenteerde voedingsmiddelen zijn vaak rijk aan probiotica. Tot de gefermenteerde voedingsmiddelen behoren onder andere Yakult®, augurken, zuurkool, verschillende kazen, miso, kombucha, kimchi, yoghurt, kefir en tempeh. Het is belangrijk op te merken dat gefermenteerde voedingsmiddelen niet altijd rijke bronnen van probiotica zijn, tenzij ze specifiek zijn geproduceerd met probiotische stammen.

Studies[3-5] hebben aangetoond dat probiotica effectief kunnen zijn bij het verminderen van risico's, zoals diarree geassocieerd met Clostridium difficile-infectie na antibioticagebruik. Daarnaast kunnen probiotica gastro-intestinale symptomen, zoals buikpijn en winderigheid, verminderen, zelfs bij aandoeningen zoals het prikkelbare darmsyndroom (IBS).

Hoewel aanbevelingen voor probiotica-gebruik nog niet zijn vastgesteld, wijzen deze studies op de gunstige effecten van probiotica op de darmgezondheid en het algemene welzijn.

Gefermenteerde voedingsmiddelen

Gefermenteerde voedingsmiddelen ondergaan het proces van fermentatie met behulp van micro-organismen zoals bacteriën, gisten en schimmels, wat resulteert in veranderende smaken, texturen en verhoogde voedingswaarde. Voorbeelden van gefermenteerde voedingsmiddelen zijn yoghurt, zuurkool, kimchi, kombucha, miso, tempeh, kefir, natto, gefermenteerde vis (vb zure haring) en sauzen zoals sojasaus, vissaus en Worcestershire-saus.

Fermentatie verbetert de verteerbaarheid van sommige producten, zoals de vertering van lactose in kefir en yoghurt, waardoor ze gunstiger zijn voor mensen die gevoelig zijn voor lactose.

Gefermenteerde voedingsmiddelen worden vaak geassocieerd met potentiële gezondheidsvoordelen, met name vanwege de aanwezigheid van levende micro-organismen die de darmgezondheid en het immuunsysteem kunnen ondersteunen, evenals de productie van stoffen zoals bioactieve peptiden en vitaminen die gunstige effecten kunnen hebben bij de preventie van welvaartsziekten.

Studies[6] tonen aan dat gefermenteerde voedingsmiddelen melkzuurbacteriën bevatten die de darmflora kunnen beïnvloeden, de microbiële diversiteit kunnen vergroten en probiotische effecten kunnen stimuleren. Het consumeren van gevarieerde gefermenteerde voedingsmiddelen kan bijdragen aan een gezonde en diverse darmflora.

Hoewel deze voordelen veelbelovend zijn, zijn ze voornamelijk gebaseerd op laboratorium- en dieronderzoek, en verder onderzoek is nodig om deze effecten op de gezondheid bij mensen te bevestigen.

Prebiotica

Prebiotica zijn aanwezig in diverse voedingsmiddelen, waaronder graanproducten, groenten, fruit, noten en peulvruchten. De belangrijkste bronnen van prebiotica omvatten fructo-oligosacchariden (FOS), galacto-oligosacchariden (GOS) en inuline.

  • Fructo-oligosacchariden (FOS) zijn te vinden in voedingsmiddelen zoals bananen, uien, asperges en prei, evenals tarweproducten.
  • Galacto-oligosacchariden (GOS) worden aangetroffen in noten en peulvruchten.
  • Inuline is aanwezig in de wortels van bepaalde planten, waaronder cichorei, artisjokken en schorseneren.

Prebiotica dragen bij aan darmgezondheid en de algehele gezondheid van de gastheer. Ze kunnen mogelijk het risico op bepaalde darmziekten verminderen, de opname van voedingsstoffen verbeteren en de immuniteit versterken. Bovendien kunnen ze bijdragen aan gewichtsbeheersing, cholesterolverlaging en het verminderen van ontstekingen. 

Onderzoek, zoals een belangrijke studie uit 1995[7], benadrukt de rol van voedingsvezels, zoals inuline en oligofructose (een type FOS), als prebiotica. Deze koolhydraten bereiken de dikke darm onverteerd en dienen als voedselbronnen voor gunstige bacteriën, met name bifidobacteriën. Consumptie van prebiotica leidt tot veranderingen in de darmmicrobiota, waaronder een toename van gunstige bacteriën zoals bifidobacteriën en lactobacillen.

Andere studies[8-9] toonden positieve effecten aan van een combinatie van Lactobacillus acidophilus NCFM (een probiotische stam) en lactitol (een prebioticum) bij gezonde ouderen die antibiotica gebruikten. Deze combinatie resulteerde in verbeterde darmgezondheid, waaronder een toename van gunstige darmbacteriën, betere darmtransit en minder darmongemakken.

Vermijden sterk bewerkt en suikerrijke voeding

Het vermijden van sterk bewerkt voedsel, toegevoegde suikers en kunstmatige zoetstoffen is gunstig voor je darmflora. Deze voedingsmiddelen kunnen schadelijk zijn voor gunstige bacteriën en een eetpatroon rijk aan zoete en vette bewerkte producten kan de diversiteit van het microbioom verminderen. Bovendien kunnen dergelijke voedingsmiddelen de groei van ongunstige bacteriën bevorderen. Het is dus raadzaam om deze voedingsmiddelen te beperken om een gezonde darmflora te ondersteunen. Denk hierbij aan onze lijfspreuk: “Alles kan, met mate!” 

In het algemeen suggereren onderzoeken dat een dieet met veel sterk bewerkte voedingsmiddelen, suiker en weinig vezels kan leiden tot een disbalans in de darmmicrobiota, wat kan bijdragen aan verschillende gezondheidsproblemen, waaronder ontstekingsziekten, obesitas en metabole aandoeningen.

Slot

In dit artikel hebben we gezien wat de darmflora is, hoe deze tot stand komt na de geboorte en continu verandert tijdens het leven. Voeding is de belangrijkste bepalende factor voor de evolutie van onze darmflora. 

We hebben ook gezien dat, hoewel antibiotica van levensbelang kunnen zijn om infectieziektes te behandelen, antibiotica vaak niet selectief zijn tussen goede en slechte bacteriën. Tijdens een antibioticakuur gaan ook veel van de goede bacteriën verloren, wat aanleiding kan geven tot verschillende ongewenste effecten, zoals verteringsongemakken en diarree. Soms houden deze effecten een lange tijd na de antibioticakuur aan.

Om het herstel van de darmflora na het gebruik van antibiotica te ondersteunen, hebben wij een voedingsadvies samengesteld, gebaseerd op de beschikbare literatuur. Hierin moedigen we de consumptie van voedingsvezels, probiotica, gefermenteerde voedingsmiddelen en prebiotica aan, terwijl we aanraden om de consumptie van sterk bewerkt en suikerrijk voedsel te matigen.

Verder merken we op dat het een voorlopig en algemeen voedingsadvies is, om het herstel van de darmflora te ondersteunen. Mogelijk moeten meer specifieke adviezen worden gemaakt, bijvoorbeeld in functie van het soort antibioticum of de specifieke verstoring in de darmflora. Naar de toekomst toe willen we onder meer onderzoeken welke voedingsaanpassingen het meest gunstige effect hebben, in het verminderen van antibiotica-geassocieerde verteringsongemakken en diarree.

We hopen dat je dit artikel over darmflora interessant vond. Als je nog vragen hebt, aarzel niet om ons te contacteren. We helpen je graag verder.

Bronnen

  1. Korpela, K., Salonen, A., Virta, L. J., Kekkonen, R. A., Forslund, K., Bork, P., & de Vos, W. M. (2016). Intestinal microbiome is related to lifetime antibiotic use in Finnish pre-school children. Nature Communications, 7, 10410.
  2. Holscher, H. D., Caporaso, J. G., Hooda, S., & Brulc, J. M. (2015). Fiber supplementation influences phylogenetic structure and functional capacity of the human intestinal microbiome: follow-up of a randomized controlled trial. American Journal of Clinical Nutrition, 101(1), 55-64.
  3. Johnston, B. C., Ma, S. S., Goldenberg, J. Z., Thorlund, K., Vandvik, P. O., Loeb, M., ... & Guyatt, G. H. (2012). Probiotics for the prevention of Clostridium difficile-associated diarrhea: a systematic review and meta-analysis. Annals of Internal Medicine, 157(12), 878-888.
  4. Hickson, M., D'Souza, A. L., Muthu, N., Rogers, T. R., Want, S., & Rajkumar, C. (2007). Use of probiotic Lactobacillus preparation to prevent diarrhoea associated with antibiotics: randomised double blind placebo controlled trial. Bmj, 335(7610), 80.
  5. McFarland, L. V., & Dublin, S. (2008). Meta-analysis of probiotics for the treatment of irritable bowel syndrome. World Journal of Gastroenterology, 14(17), 2650-2661.
  6. Gänzle, M. G. (2015). Lactic metabolism revisited: metabolism of lactic acid bacteria in food fermentations and food spoilage. Current Opinion in Food Science, 2, 106-117.
  7. Gibson, G. R., & Roberfroid, M. B. (1995). Dietary modulation of the human colonic microbiota: introducing the concept of prebiotics. The Journal of Nutrition, 125(6), 1401-1412.
  8. Slavin, J. (2013). Fiber and prebiotics: mechanisms and health benefits. Nutrients, 5(4), 1417-1435.
  9. Ouwehand, A. C., DongLian, C., Weijian, X., Stewart, M., & Ni, J. W. (2003). Influence of a combination of Lactobacillus acidophilus NCFM and lactitol on healthy elderly: intestinal and immune parameters. British Journal of Nutrition, 90(3), 611-618.
Back to blog